Een interview met Koen Blanken, docent op het RGO Middelharnis.

Het RGO College Middelharnis is een brede scholengemeenschap op Goeree-Overflakkee waar duurzaamheid een steeds zichtbaardere plek krijgt binnen en buiten de school. Een belangrijke drijvende kracht achter die ontwikkeling is het Eco-team. Samen werkt het team aan ideeën die niet alleen de schoolomgeving veranderen, maar ook de leerlingen zelf. In een interview vertelt docent Koen Blanken hoe de school werkt aan duurzaamheid en welke rol het Eco-team daarin speelt.

Een zichtbaar voorbeeld daarvan is het schoolplein. Wat vier jaar geleden nog een versteende buitenruimte was, is inmiddels uitgegroeid tot een groene plek met een eigen naam: de RGO Hortus. Zo noemt het Eco-team het vernieuwde schoolplein. Die naam zegt veel. Het plein is niet langer alleen een buitenruimte, maar een plek waar leerlingen zelf aan hebben gebouwd, waar zij ideeën voor hebben aangedragen en waar zij zich verantwoordelijk voor voelen.

Een schoolplein om trots op te zijn

Inmiddels zitten leerlingen tussen het groen, onder bomen en op zelfgemaakte bankjes. Die verandering begon met een gesprek tussen leerlingen en de gemeente over de wens voor een groener plein. Vanuit het Eco-team namen leerlingen vervolgens zelf het initiatief. Ze organiseerden een tegelwipactie, dachten mee over het ontwerp en hielpen bij de aanleg van groen en zitplekken. Docenten begeleidden het proces, maar de leerlingen waren de drijvende kracht. Zoals Koen vertelt: “Je hebt een clubje leerlingen dat met dingen die zij belangrijk vinden echt serieus aan de slag kan en dat er ook wat uitkomt.”

2

Leerlingen aan het stuur

Het Eco-team op het RGO College Middelharnis is geen vaste klas of verplicht vak. Leerlingen sluiten aan omdat ze dat zelf willen. Volgens docent Koen maakt juist die vrijwillige deelname het verschil: "We hebben nu leerlingen die er echt zitten omdat ze er willen zitten."
Juist daardoor ontstaat een veilige omgeving waarin leerlingen ideeën delen, initiatief nemen en verantwoordelijkheden oppakken. Ook leerlingen die normaal liever op de achtergrond blijven, krijgen de ruimte om actief mee te doen. Volgens Koen helpt Eco-Schools om die motivatie richting te geven door te werken met duidelijke fasen: brons, zilver en de Groene Vlag. Scholen werken stap voor stap toe naar deze erkenningsniveaus, wat het proces overzichtelijk maakt voor leerlingen.

Van tegels liften tot een groen schoolplein

De vergroening van het schoolplein begon niet met een kant en klaar plan, maar met leerlingen die hun ideeën deelden en in gesprek gingen met de gemeente. Zij wilden een prettiger, groener plein en kregen de ruimte om daar zelf aan mee te werken. Vervolgens gingen leerlingen letterlijk aan de slag. Tijdens een tegelwipactie verwijderden zij stenen van het plein, werkten samen met de gemeente en zagen hun inspanningen direct terug in het resultaat. "Dat motiveert wel."

De impact bleek groter dan alleen een mooier plein. Ook binnen in het gebouw werd verschil merkbaar. "We merken dat sommige lokalen veel minder warm zijn, omdat er nu gewoon een tuin voor het raam zit in plaats van betontegels." Kleine ingrepen bleken grote gevolgen te kunnen hebben.

Wat echt werkt

Misschien wel de grootste les van het Eco-team is verrassend eenvoudig. Niet plannen tot alles perfect is, maar beginnen. Die houding zorgt voor beweging. Ideeën worden getest, soms aangepast, soms losgelaten. Maar altijd is er actie. Juist door te doen ontstaan nieuwe kansen. Leerlingen sluiten aan, docenten raken betrokken en zelfs externe partijen haken aan.

Wat ook opvalt, is hoe eigenaarschap gedrag verandert. Waar eerst afval nauwelijks opviel, is het nu anders. Volgens Koen is het effect duidelijk zichtbaar: “Het schoolplein is nog nooit zo schoon geweest.”. Omdat leerlingen het zelf hebben gemaakt voelen ze zich verantwoordelijk voor hun omgeving.

Misschien nog belangrijker: leerlingen worden ambassadeurs. Niet omdat het moet, maar omdat ze het ervaren hebben. Ze zien het effect van hun werk en vertellen dat door. Aan klasgenoten, aan docente en soms zelfs aan beleidsmakers.

3

Groeien buiten de comfortzone

De impact van het Eco-team gaat verder dan duurzaamheid alleen. Leerlingen ontwikkelen vaardigheden die je niet uit een boek haalt. Ze organiseren bijeenkomsten, leiden gesprekken en presenteren voor volwassenen.

Een leerling die normaal nooit voor een groep staat, opent ineens een bijeenkomst voor docenten en beleidsmakers. Met succes.

“Dat is echt geweldig om te zien hoe ze daar dan in groeien,” vertelt Koen. Die ontwikkeling stopt niet bij één moment. Leerlingen leren hun stem gebruiken, hun mening verwoorden en verantwoordelijkheid nemen. Ze gaan in gesprek met gemeenten, denken mee over beleid en ervaren dat er naar hen geluisterd wordt. Het gevoel ertoe te doen en serieus genomen te worden, maakt veel indruk.

Meer dan een groen schoolplein

Wat op het RGO College gebeurt laat zien dat duurzaamheid in het onderwijs niet begint bij beleid maar bij leerlingen. Het begint bij het geven van ruimte, vertrouwen en de kans om te doen.

Het resultaat is zichtbaar in het groen op het plein en voelbaar in de houding van leerlingen. Ze kijken anders naar hun omgeving, nemen initiatief en inspireren anderen.

Voor Koen is dat uiteindelijk de grootste winst van het Eco-team: "Dat is gewoon de echte winst geweest. Niet alleen dat plein, maar dat leerlingen ervaren dat zij zelf iets kunnen veranderen en daar trots op zijn."