IKC De Kleine Reus

Het is bijna lente...., de zon schijnt soms heerlijk, bloemetjes komen uit, je hoort de vogeltjes weer zingen.. De kinderen voelen het ook, weg uit die grauwe, koude winter! Waar merk je helemaal goed dat het lente wordt? Op een boerderij, er groeien fruitjes aan de bomen, gewassen op de akkers buiten, er worden baby-dieren geboren. Je vindt nergens anders een plek dichterbij de natuur dan hier. Laten we gaan onderzoeken hoe alles in zijn werk gaat op een boerderij? Ik heb een leerling die op een boerderij woont, zij zijn met hun gezin naar Loosdrecht verhuisd. Ze hebben een hond, twee katten, kippen, paarden en veel muizen. Wellicht kunnen we daar een kijkje gaan nemen met de klas? Ik wil mijn klas ook meenemen naar een leuke kinderboerderij in De Pijp. Daar hebben ze een educatieve activiteit: Boerderij Onderzoek-spel. Als sociaal-culturele praktijk zie ik voor me: een erfje met hokken waar boerderij-dieren verzorgd worden. We willen weten wat een konijn/varken/lammetje per dag nodig heeft, hier maken we een eet-boekje van. Beneden worden zaadjes gezaaid en gaan we plantjes/kruiden laten groeien. Aan de huishoek vast maken we een boerderij-winkeltje, waar we producten van eigen grond verkopen. (eierdozen met eitjes, pakken melk, stukken kaas, boter? We gaan ons verdiepen in het waardevolle werk van een boer en boerin. Hoe is hun leefritme? Wat heb je nodig voor je een boerderij kunt beginnen? Wat voor soorten boerderijen heb je? Uiteindelijk weten we alles over een boer, wie er wonen op een boerderij, wat er verbouwd wordt in Nederland? Wat het verschil is tussen gewone appels en biologische?

  • Waarom ben je trots op deze les?: Wat hebben wij veel geleerd en beleefd de afgelopen weken! De lente hangt in de lucht: de zon laat zich vaker zien, bloemetjes bloeien en de vogels fluiten vrolijk. En wij? Wij zijn net zo blij als de lammetjes in de wei, want wij hebben alles ontdekt over het leven op de boerderij! We zijn trots omdat we zijn begonnen met één simpele vraag: "Waar merk je dat het lente wordt?" En al snel kwamen we uit bij de boerderij: dé plek waar de natuur tot leven komt. We leerden over fruitbomen, pasgeboren dieren, kippen die weer eieren leggen en zaadjes die uitgroeien tot groente of kruiden. We ontdekten dat een boerderij eigenlijk een miniwereld is waar van alles gebeurt. Extra bijzonder was dat een klasgenootje zelf op een boerderij woont! Wat een geluk: zij kon ons precies vertellen hoe het is om tussen de dieren te wonen. We hopen binnenkort zelfs bij haar op bezoek te gaan! Ook kijken we uit naar ons uitstapje naar de kinderboerderij in De Pijp, waar we het Boerderij Onderzoek-spel gaan spelen. Leren én spelen tegelijk! In de klas hebben we ons eigen erfje gemaakt, met hokjes voor de dieren, een moestuintje beneden waar we zaadjes zaaien, en zelfs een boerderijwinkeltje waar we ‘producten van eigen grond’ verkopen. We maakten eet-boekjes voor de dieren en verdiepten ons in het werk van de boer en boerin: wat doen ze allemaal, wat is hun ritme, en wat heb je nodig om een boerderij te beginnen? We zijn trots omdat we nu weten hoe belangrijk boeren zijn, wat er allemaal verbouwd wordt in Nederland en wat het verschil is tussen gewone en biologische producten. Van eieren tot paarden, van zaadjes tot boter: wij weten er alles van!
  • Welke tips wil je aan andere Eco-Teams geven met betrekking tot deze les?: 1. Begin bij de beleving van de kinderen Sluit aan bij wat kinderen zelf merken van de lente: zonlicht, bloemen, dieren die weer buiten komen. Laat ze vertellen, tekenen of naspelen wat ze zien. Zo ontstaat er betrokkenheid vanaf het begin. 2. Maak het thema tastbaar in de klas Richt een boerderijhoek in met verkleedkleren (boer, boerin, dieren), speelgoedtractoren, stro of hooi en knuffeldieren. Maak een winkeltje met producten van de "boerderij" zoals zelfgemaakte eitjes van klei, melkpakken of kartonnen kazen. 3. Verbind leren aan spel en onderzoek Laat kinderen zaaien, verzorgen, observeren en tellen. Maak eet-boekjes voor dieren, laat ze meten hoeveel water een plantje nodig heeft of een dagboekje bijhouden van een kuikentje of zaadje. 4. Gebruik je omgeving Heb je een leerling die op een boerderij woont? Vraag of je met de klas op bezoek mag komen. Is er een kinderboerderij in de buurt? Veel kinderboerderijen bieden educatieve programma’s aan die perfect aansluiten bij het thema. 5. Betrek verschillende vakgebieden Taal: Woordenschat rondom de boerderij, boekjes maken, dierenverhalen verzinnen. Rekenen: Aftellen tot het bezoek, tellen van eieren, meten van plantjes. Beeldend: Knutsel boerderijdieren, bouw een stal van blokken of karton. Oriëntatie op de wereld: Bespreek beroepen, seizoenen, voedselketen, duurzaamheid. 6. Nodig ouders en verzorgers uit Laat ze iets bijdragen: zaadjes meenemen, helpen bij een bezoek, of vertellen over hun beroep als dat aansluit. Organiseer een open middag waar kinderen hun boerderijhoek en winkeltje mogen laten zien. 7. Sluit af met een feestje of tentoonstelling Een mini-boerderijmarkt of kijkdag waarbij kinderen vertellen wat ze geleerd hebben maakt het thema feestelijk én leerzaam. Verkoop (nep)producten uit de klaswinkel, laat filmpjes of foto's zien, of organiseer een ‘dierenquiz’.
  • Onderwijstype: Basisonderwijs
  • School: IKC De Kleine Reus